Vlaamse Verkeersveiligheidsprijs

En de winnaar...die kiest u!

De Vlaamse Verkeersveiligheidsprijs is een onderscheiding voor concrete projecten die door hun vernieuwende aanpak en samenwerking wezenlijk bijdragen aan de verkeersveiligheid in een buurt, bedrijf, school, vereniging, gemeente ... Het zijn projecten die meer bekendheid verdienen omdat ze zó inspirerend, wervend en eenvoudig te herhalen zijn.

Uit een totaal van 18 inzendingen heeft de jury drie genomineerden weerhouden, waaruit u als deelnemer van het Vlaams Congres Verkeerveiligheid 2016 de winnaar kan kiezen (gecombineerde jury- en publieksprijs). De winnaar heeft daarmee het beste bewijs dat het project binnen de mobiliteitswereld kan rekenen op een breed draagvlak!   

 

Project 1: Carfree Hour – CFH denktank

Hoewel dit project nog volop in een experimentele fase zit, getuigt het vooral van durf en innovatie. Het Carfree hour maakt de radicale keuze om gemotoriseerd verkeer in een (deel van de) stad of gemeente gedurende een half uur 's morgens en ’s avonds te verbieden. De auto moet bij de start- en einduren van de scholen kortstondig van het voorplan: ofwel brengen ouders de kinderen per auto vóór 8u, ofwel gaan ze per fiets of te voet tegen 8u30. Het Carfree Hour laat toe op korte termijn en zonder grote budgettaire inspanningen kinderen binnen een bepaalde perimeter conflictvrij en autonoom naar school te gaan.

Het idee is gegroeid uit een brede beweging (CFH Denktank) die bestaat uit mobiliteitsexperts, communicatiespecialisten, urban designers, kunstenaars en pedagogen.

Na de eerste implementatie in de Stad Deinze van 9 tot 13 mei 2016 zal op basis van de ervaringen een handleiding opgesteld worden voor alle geïnteresseerde steden of gemeenten. Door zijn eenvoud is dit echter eenvoudig te vertalen naar andere gemeenten (groot en klein). Misschien is dit concept is daarmee een logische volgende stap na de reeds ingeburgerde schoolstraat?

Project 2: Een speelweefselplan: hoe maak je een wijk verkeersveiliger én kindvriendelijker – stad Antwerpen

Kindvriendelijkheid heeft alles te maken met verkeersveiligheid én mobiliteit. Een instrument om daar werk van te maken is het speelweefselplan. Een speelweefsel is een fijnmazig netwerk van autoluwe of autovrije fiets- en looproutes tussen verschillende speelplekken, aangevuld met speelimpulsen langs de weg. Het beoogde eindresultaat is geen verkeersongevallen meer met kinderen en meer autonomie en emancipatie voor het kind. Hierin onderscheidt een speelweefselplan zich van eerder traditionele methodieken, die zich vaak uitsluitend richten op de disciplinering van kinderen. Daarnaast bekijkt deze methodiek een wijk in zijn geheel. Het is een gebiedsdekkende methodiek waarbij het kind centraal staat.

Bij de opmaak van een speelweefselplan wordt ook zeer veel aandacht besteed aan de omgevingsanalyse, met een zeer prominente rol voor inspraak van kinderen en buurtbewoners

Project 3: Schakelroutes en alternatieve functionele routes (‘Groene routes’) – provincie Antwerpen

Verkeersongevallen met fietsers in een landelijke omgeving kennen vaak een ernstigere afloop dan deze binnen een meer stedelijke omgeving. Met de schakelroutes en alternatieve functionele routes van de provincie Antwerpen worden de landelijke wegen teruggegeven aan het traag verkeer. De veiligheid en het comfort van de fietser wordt verbeterd door sluipverkeer te weren, aangepaste snelheidsregimes in te voeren en kruispunten en wegprofiel te screenen. Dit project richt zich op een traditioneel ‘moeilijk’ gebied als het gaat over verkeersveiligheid, namelijk het platteland, met veel menging van fiets- en autoverkeer en vaak grote snelheidsverschillen. Groene Routes willen veilige en kwaliteitsvolle fietsroutes bieden in een groene, landelijke omgeving waar de fiets perfect gemengd kan worden met autoverkeer, mits duidelijke keuzes.

Hiervoor werd een analysemethodiek* uitgewerkt die de verschillende keuzes voor het bepalen en beoordelen van de Groene Routes scherp stelt. Bij deze beoordeling wordt zeer ruime visie gehanteerd met criteria zoals ruimtelijke aspecten en leefkwaliteit in woonwijken. Door de toepassing van deze methodiek kan men een grote uitbreiding van het fietsnetwerk verwezenlijken zonder grote financiële inspanningen van infrastructuuraanpassingen. Daarnaast verplicht het grensoverschrijdende karakter de gemeenten ook samen te werken en tot één gemeenschappelijke visie te komen.

*Methodiek ontwikkeld door dienst mobiliteit provincie Antwerpen met ondersteuning van studiebureau Timenco.